woensdag 27 mei 2015

Walk and talk SWOT



Walk and talk SWOT

De student aan zet!



Als marketingdocent mag ik me gelukkig prijzen dat er in mijn vak altijd veel praktijkvoorbeelden voorhanden zijn. Bij elke theorie is wel een leuke quote, case, anekdote of verassend verhaal te vinden. In de lessen verwerken we die in eenvoudige werkvormen zoals een stelling of mini-quiz. Dat maakt de lessen leuker, begrijpelijker en interactiever. Om studenten te laten oefenen met de stof, krijgen ze na de theorie een case met vragen die ze tijdens de les in groepjes moeten maken. 
En daar gaat het mis. De helft van de studenten leest de opdracht niet, verschillende groepsleden zijn er niet of zijn niet gemotiveerd en bij de nabespreking is niemand meer geconcentreerd.Dat kan anders. Tijd voor actie.



Actieve groepsopdracht

Samen met de andere marketingdocenten heb ik gekeken naar een onderwerp waar studenten de meeste moeite mee hebben. Dat was gauw gevonden: de SWOT-analyse. Een SWOT-analyse is een bedrijfskundig model waarmee je inzicht krijg in de eigen capaciteiten van een organisatie (sterkten en zwakten) en in de ontwikkelingen buiten de organisatie (kansen en bedreigingen).
Hier kon ik verder mee en ik bedacht de volgende groepsopdracht: Walk and Talk SWOT. 

Hoe werkt het?

De klas wordt opgedeeld in groepjes. Alle groepjes gaan aan de slag met één casusbedrijf, Action in dit geval. Iedere student kent de Action, heeft er wel eens wat gekocht en heeft gevoel bij het type organisatie. Ik deel bewust geen informatie uit op papier uit. Dat wordt nauwelijks gelezen en is dus zonde.
Aan de muur hangt voor iedere groep een groot flipovervel met daarop het kwadrant van de SWOT. Iedere groep gaat bij de flap staan, want ik heb gemerkt dat ze daardoor actiever blijven en meer participeren en discussiëren met elkaar. Elke groep krijgt vervolgens een stapel met stroken. Op iedere strook staat een sterkte, zwakte, kans of bedreiging. Van tevoren meld ik dat er ook ‘verkeerde’ stroken tussen zitten. De studenten krijgen vervolgens 15 minuten de tijd om de stroken in het juiste kwadrant te plaatsen. Stroken waar ze over twijfelen, hangen ze naast de flap. Vervolgens schuift iedere groep 1 flap door. Zij moeten vervolgens de twijfelgevallen van die groep bekijken en uitleggen aan de klas wat ze hiervan vinden. Omdat er toch altijd studenten zijn die graag het ‘juiste antwoord’ willen weten, laat ik aan het einde de juiste SWOT zien op het Smartboard. Geen uitleg meer, maar als er vragen zijn, kan dat natuurlijk.


De praktijk

Studenten waren heel enthousiast over deze groepsopdracht. Ze deden leuk mee en er ontstonden mooie theoretische discussies. Dat is toch precies wat je wilt als docent? Verschillende studenten vroegen me: ‘Juf, gaan we dit volgende week weer doen?’ Leuk bijkomend effect vond ik trouwens dat de studenten bij elkaar gingen ‘afkijken’. Prima zou ik zeggen. Laat ze maar in discussie gaan over wie het goed heeft en wie niet.


Als docent ben je dus vooral procesbegeleider. De studenten zijn aan zet. En dat was eigenlijk heel prettig. Het kostte ons minder energie dan voorheen en de studenten lieten een veel actievere houding zien en leerden zo meer.

Denk wel goed na over de planning en timing van deze workshop. Mijn ervaring is dat het uitstekend werkt als je het loskoppelt van een theorieles en echt benoemd als werkcollege. Dan weten de studenten wat ze kunnen verwachten. Daarnaast is het handig als de studenten al een dosis theorie hebben gehad, zodat dat geen obstakel is.


Al met al een geslaagde werkvorm, waarbij de student aan zet is!

maandag 30 maart 2015

Rollenspelen

Rollenspelen, de theorie.
Het toetsen van de theorie .......met een werkvorm die altijd werkt!!



Er bestaan verschillende soorten rollenspelen; het imiterende rollenspel, het reconstruerende rollenspel en het anticiperende rollenspel.

Welke vorm van rollenspel kies je en waarom?

Met de keuze van het rollenspel kun je aansluiten op de mogelijkheden van de deelnemers. Je houdt rekening met de ervaring en het niveau van de deelnemer. Ook de veiligheid van de groep en de keuze van het onderwerp bepalen mede voor welk soort rollenspel je kiest.

Voor het slagen van een rollenspel is het van groot belang dat de spelers goed worden geïnstrueerd. Dit betekent veelal letterlijk aangeven wat gezegd en gedaan moet worden.

Ook in de opbouw van je training kun je gebruik maken van de verschillende rollenspelen. Ieder rollenspel vraag andere competenties van de spelers.

Dit blog gaat over een groepswerkvorm die is ingezet als toestingsmoment nadat de theorie over de verschillende rollenspelen is gegeven.


De werkvorm; groepswerkvorm

 Middels kleuren kaartjes is de groep ingedeeld in duo’s. Bij iedere kleur is een tafel beschikbaar met daarop kaartjes waarop de eigenschappen van de verschillende rollenspelen staan. Tevens ligt er een groot vel, waarop de 3 verschillende rollenspelen vermeld staan; imiterende rollenspel, anticiperende rollenspel en reconstruerende rollenspel.  Het is de bedoeling de cursisten de kaartjes met de eigenschappen gaan bekijken en deze bij het juiste rollenspel gaan plaatsen.

Nadat de vooraf gestelde tijd is verstreken, krijgen de cursisten een overzicht met de rollenspelen met de daarbij behorende eigenschappen. Zij kunnen zelf nakijken of zij de juiste indeling hebben gemaakt en kunnen deze eventueel bijstellen.


De theorie van het rollenspel

Het doel van oefenen middels een rollenspel is het geleerde tijdens de rollenspellen in situaties buiten de training in praktijk te brengen.

Door oefenen en steeds weer herhalen wordt het opslaan van informatie in het geheugen en het vermogen het geleerde te onthouden versterkt.  

Rollenspelen kunnen de sociale ontwikkeling bevorderen, omdat de spelers zich moeten identificeren met de rol. Vanuit die identificatie kunnen de spelers ontdekkingen doen over henzelf en de wereld om hen heen.

De feedback die gegeven wordt na het rollenspel is heel belangrijk. Houding en handelen wordt geëvalueerd. Het accent ligt op de positieve bekrachtiging.

Bij het geven van feedback moet je altijd goed het doel voor ogen hebben. Daarop is de feedback gericht.


De praktijk

De verschillende groepjes gingen enthousiast aan de gang en waren gemotiveerd om de opdracht uit te voeren. Er werd goed overlegd en samengewerkt. Er kwamen geen verdere vragen over de opdracht. Deze was duidelijk na één maal uitleg.

Eén groepje was voor het verstrijken van de voorgestelde tijd klaar. Zij vroegen zich af wat ze nu moesten gaan doen. Ik heb hen gevraagd vervolgens na te denken over hun eigen praktijk. Voor welke vorm van rollenspel zouden  zijzelf kiezen en waarom? Welke vormen hadden zij  in het verleden gebruikt?

Met deze opdracht konden zij toen weer aan de slag.


Evaluatie

  De cursisten gaven aan het een leuke oefening te vinden. Leuk materiaal om mee te werken.  Iedereen kon er mee aan de slag. Eigenlijk is het een werkvorm die altijd werkt voor iedereen. ! Het feit dat de cursisten zelf nog konden controleren of zij de opdracht goed hadden uitgevoerd, werd als positief ervaren.

Er werd nog een suggestie gegeven om elkáárs opdracht te controleren. Dit zou nog iets meer dynamiek geven.  Dit is zeker een mogelijkheid wanneer hiervoor voldoende tijd beschikbaar is.




dinsdag 10 maart 2015

Puzzelen met Porter

Een originele (groeps)werkvorm die tevens als formatieve toets kan worden gebruikt


Michael E. Porter, welke student (bedrijfs)economie kent hem niet. Management goeroe, icoon en professor aan de vooraanstaande Harvard University. Hij wordt door velen gezien als de (groot)vader van strategisch management. Zijn bekendste modellen, het vijf-krachten model, de waardeketen en de generieke concurrentiestrategieën, behoren tot de standaard kennis van vrijwel elke manager en bestuurder.

Ook tijdens de module Management Fundamenten van de minor business intelligence en IT governance van Avans Hogeschool te 's-Hertogenbosch komt het werk van Michael Porter uitgebreid aan bod. Zo wordt in week twee van de module de waardeketen van Porter uitgebreid besproken. Als docent ben ik op zoek gegaan naar een werkvorm om tijdens het college van week drie de behandelde lesstof met betrekking tot de waardeketen op een luchtige doch betrouwbare manier te kunnen toetsen (formatief), waarbij ik ook wilde proberen om een aantal verschillende intelligenties aan te spreken. Het resultaat is "Puzzelen met Porter" geworden, een werkvorm die ik in de volgende alinea's uitgebreid zal bespreken.

De Werkvorm

"Puzzelen met Porter" is een groepswerkvorm waarin studenten in kleine groepjes geacht worden om een kruiswoordpuzzel op te lossen. Deze puzzel bevat 5 verticale rijen, in elke rij (1-5) dient een woord ingevuld te worden die voorkomt in de waardeketen van Porter (zie onderstaande afbeelding: Lege Puzzel)


Lege Puzzel


De woorden die ingevuld dienen te worden in de kruiswoordpuzzel worden niet toegelicht middels een beschrijving (als gebruikelijk bij een kruiswoordpuzzel). Tijdens de werkvorm zijn de onderstaande afbeeldingen gebruikt om de in te vullen woorden 1 t/m 5 toe te lichten.

1. Marketing

Marketing

2. Service

Service

3. Operatie

Operatie

4. Technologie

Technologie

5. Infrastructuur

Infrastructuur

Wanneer alle woorden (juist) zijn ingevuld hebben de studenten een aantal letters van het zesde woord dat horizontaal kan worden ingevuld. Op basis hiervan moeten ze proberen te raden welk woord dit is. In onderstaande afbeelding ("Oplossing") zijn alle woorden ingevuld.


Oplossing

De theorie

In de hierboven besproken werkvorm wordt de theorie van de waardeketen van Porter formatief getoetst. Deze theorie is door Porter voor het eerst beschreven in zijn boek Competitive Advantage: Creating and Sustaining Superior Performance uit 1985.  Tijdens het tweede college wordt deze theorie besproken aan de hand van onderstaande afbeelding ("waardeketen", een bewerkte versie van de waardeketen van Porter waarin gebruik wordt gemaakt van afbeeldingen van Lego figuren om de betekenis van de onderdelen toe te lichten.


Waardeketen

De praktijk

Tips en trucks voor docenten:
  1. Gebruik de werkvorm formatief, het gebruik van de afbeeldingen en de interpretatie daarvan leent zich niet goed als summatieve toets;
  2. Werk met kleine groepen, zeker wanneer er een tijdselement in de werkvorm wordt toegepast (zie punt 3);
  3. In de werkvorm kan een tijdselement worden aangebracht door de afbeeldingen bijv. 30 seconden na elkaar te laten zien;
  4. De werkvorm kan tevens competitief worden ingezet.
  5. De werkvorm spreekt met name visueel-ruimtelijke, logisch-mathematische en verbaal-linguïstische intelligenties aan. Afhankelijk van of de werkvorm individueel of in groepsverband wordt uitgevoerd spreekt het ook interpersoonlijke en intrapersoonlijke intelligenties aan. Tenslotte is er nog de mogelijkheid om tijdens het tonen van de afbeeldingen muziek te laten horen (bijv. van een quiz), hetgeen muzikaal-ritmische studenten zal aanspreken.

Ik heb deze werkvorm een aantal keer in de praktijk mogen toepassen en de reacties van de studenten waren over het algemeen zeer positief. Ze beleven de werkvorm als origineel, aansprekend en afwijkend van de standaard werkvormen. Bovendien gaven de studenten aan het te waarderen dat er op deze wijze terug werd gekeken op (een deel van) de lesstof van de voorafgaande week.

Ik zou iedere docent dan ook willen uitnodigen om de werkvorm met een (kruiswoord)puzzel uit te proberen. vanzelfsprekend kan deze werkvorm over elk willekeurig onderwerp gaan. Als docent moet je dan vooraf ook even puzzelen...

Een laatste tip: het samenstellen van groepen gaat leuk, gemakkelijk en volledig objectief via de site http://www.transum.org/software/RandomStudents/

donderdag 5 maart 2015

Samen competitief aan de slag

Samen competitief aan de slag

"Hoe wedstrijd elementen kunnen motiveren om samen te werken"


Toen ik vroeger zelf op school zat kreeg ik soms stof voorgeschoteld waar ik niet direct het nut van inzag. Theorie over economie, geschiedenis en andere onderwerpen die ik zelf in het dagelijkse leven niet veel kon toepassen.

Nu sta ik zelf voor de klas. Hoe interessant ik mijn eigen onderwerpen ook vind, het praktisch nut wat dit heeft voor mijn studenten is soms lastig direct te merken. Natuurlijk probeer ik een brug te slaan tussen praktijk en theorie, maar het puberbrein heeft moeite met het inschatten van het 'nut' van een onderwerp wat ze eigenlijk pas over 3 jaar kunnen toepassen.

Wat nou als ze deze theorie binnen 10 minuten al kunnen toepassen?

Dankzij de wondere wereld van ICT is het tegenwoordig mogelijk om met verschillende tools de kennis van je studenten te toetsen. Ik ben zelf een groot fan van gamen, en probeer dan ook zoveel mogelijk spel elementen in mijn les te verwerken.

Mijn favorieten werkvorm zijn de spelvormen!








Door middel van een leuke quiz of groepsspel, waarin individuen hoog kunnen scoren door veel vragen goed te beantwoorden, motiveer je studenten om beter op te letten tijdens de onderdelen van je les die misschien iets minder spannend zijn. Wie goed opgelet heeft kan veel van de vragen goed beantwoorden. Het competitieve element kan er voor zorgen dat studenten sneller vragen zullen stellen tijdens de behandeling van de theorie. Daarnaast zullen studenten die een vraag fout hebben eerder aan medestudenten vragen waarom dat niet het juiste antwoord was.

Naast de motiverende factor om op te letten, zijn deze 'spelletjes' ook goede tussentijdse toets instrumenten. Een student krijgt meteen feedback over hoeveel hij al over het onderwerp weet en een docent kan zien hoeveel studenten de stof al beheersen. Het zogenoemde '2 vogels 1 steen' principe.

tip: loop voor de les nog even door de quiz heen om zeker te zijn dat de vragen in de quiz raakvalk hebben met de stof die je gaat behandelen!

Je kunt je les beginnen met de fase ervaren om de studenten al enigszins geïnteresseerd te maken in het onderwerp. Daarna geef je aan dat de theorie die je gaat behandelen meteen getoetst gaat worden met een quiz.

Zijn de scores opmerkelijk hoog dan kun je vragen of de stof te makkelijk is en het tempo eventueel omhoog kan.

Heeft niemand een vraag goed, dan kun je kijken welke onderwerpen je eventueel opnieuw kunt behandelen.

Vanaf kinds af aan leer je door te spelen. Spelen is niet kinderachtig, maar een goede vorm voor het ontdekken van nieuwe informatie. Gebruik deze krachtige leervorm dan ook in je lessen en je zult zien dat de lesstof leuker wordt, beter begrepen wordt en je een beter beeld hebt over het leerniveau van je studenten.

woensdag 4 februari 2015

VRIJDAGOCHTEND 09.30 UUR – GO!!

VRIJDAGOCHTEND 09.30 UUR – GO!!

Leve de activerende opening

Je komt als docent vol enthousiasme het klaslokaal binnenlopen op vrijdagochtend om 09.30 uur, je werpt een blik op je publiek van die ochtend en je weet al voldoende: zuchtende studenten, hangend in hun stoel, met de rug naar je toe, leunend op hun tas die op de tafel voor hen ligt, oftewel: SUCCES!! Op zo’n moment kun je je les niet beter van start laten gaan dan met een…… ACTIVERENDE OPENING.

Nu klinkt bovenstaande natuurlijk wel mooier dan het is, maar ik ga jullie in dit artikel toch echt wel inspireren en overtuigen van de inzet ervan tijdens je lessen.

Wellicht heb je geen ervaring of gevoel bij de term activerende opening, dus wat houdt het nou precies in en nog belangrijker, what’s in it for me? Ik ga het u haarfijn uitleggen!

De werkvorm

Het is eigenlijk heel simpel: met een activerende opening probeer je de aandacht van de studenten te trekken en hen te betrekken bij het onderwerp. Het is een binnenkomer, een ijsbreker, een vorm van ochtendgymnastiek om de studenten wakker te schudden. Het grote voordeel ervan is dat je de student niet direct overlaadt met theorieën, maar eerst even op een speelse manier toetst of en hoeveel “klittenband” er al aanwezig is in de klas m.b.t. jouw onderwerp van die les.

De theorie

Het vak Communicatie aan eerstejaars studenten van de opleiding Bedrijfskunde-MER aan een hogeschool trapte ik af met deze Loesje. Op die manier zette ik het vak Communicatie neer zoals veel mensen dat doen: dat kan iedereen! Bij het lezen van de tekst kwam er direct respons vanuit de klas en is eigenlijk je doel al bereikt! Na zo’n opening is iedereen gefocust en bij de les en kun je wel met een geruster hart in de inhoud gaan duiken.

De praktijk

Ik raad vanuit mijn recente ervaringen, collega-docenten dan ook zeker aan om te gaan én te blijven werken met activerende openingen, mits je je houdt aan enkele belangrijke spelregels: het moet kort, krachtig en prikkelend zijn en je moet dus op het juiste moment stoppen en het bruggetje maken naar de rest van de les. Zorg verder dat je goed beslagen ten ijs komt en reageer op wat er op dat moment gebeurt in de klas.

Chargerend durf ik wel te stellen dat een sterke activerende opening de basis legt voor de rest van je les. Ik wil afsluiten met een treffend spreekwoord hierover: een goed begin is het halve werk – zelfs, of misschien wel JUÍST op vrijdagochtend om 09.30 uur…